Charlotte Gazendam

Charlotte Gazendam is gespecialiseerd in het personen- en familierecht. Zij heeft zich toegelegd op de echtscheidingsbemiddeling, maar heeft voorts veel ervaring op het gebied van alimentatie, gezag, omgang, scheiding en deling huwelijksgemeenschap danwel afwikkeling van huwelijkse voorwaarden.

Advocaat sinds 2001

Opleiding: Nederlands recht, Rijksuniversiteit te Groningen

Basisopleiding Scheidingsbemiddeling alsmede Specialisatieopleiding Scheidingsbemiddeling bij het Instituut voor Mediation en Familierecht Opleidingen

vFAS Specialisatieopleiding Personen- en Familierecht

Lid vFAS (Vereniging van Familierecht Advocaten Scheidingsbemiddelaars)

MfN registermediator (aangesloten bij de Mediatorsfederatie Kwaliteitsregister Nederland)

Contact

Charlotte Gazendam

+31 (0)341 – 42 06 06

Linkedin

Meer weten?
Wij helpen u graag verder

Mijn
expertise

Personen- en familierecht

Binnen het Personen- en Familierecht houden onze advocaten zich bezig met echtscheiding, partner- en kinderalimentatie, omgangsregelingen, huwelijksvoorwaarden, de verdeling van huwelijksgoederengemeenschap en de toepassing van verrekenbedingen in huwelijkse voorwaarden, het erfrecht, financiële planning, adoptie, naamswijziging en psychiatrisch recht.

Procespraktijk

Naast goede en snelle advisering blijft het voeren van procedures een belangrijk onderdeel van de praktijk. Allereerst omdat het voeren van procedures onlosmakelijk met de advocatuur verbonden is en van oudsher de “core business” vormt, maar vooral ook omdat proceservaring een vereiste is voor een goede advisering.

Actualiteiten

20 juni 2019

ONTSLAGVERGOEDING VALT IN CASU NIET IN DE GEMEENSCHAP VAN GOEDEREN

Een man en vrouw zijn in gemeenschap van goederen met elkaar gehuwd welk huwelijk in mei 2016 wordt ontbonden door een echtscheiding. De man is in loondienst, maar op 31 maart 2015 tekenen hij en zijn werkgever een vaststellingsovereenkomst, waarin staat dat de man in het kader van de beëindiging van het dienstverband per 1 juli 2015 een beëindigingsvergoeding zal ontvangen van € 169.694,84 bruto als tegemoetkoming voor de in de toekomst te derven inkomsten. Gerechtshof In eerste instantie bepaalt het Gerechtshof dat de man een bedrag van € 38.941,37 aan de vrouw dient te voldoen ter zake van de door hem ontvangen beëindigingsvergoeding, daartoe als volgt overwegende: ‘Het hof stelt voorop dat voor het, op de voet van artikel 1:94 lid 3 BW, maken van een uitzondering op de

Personen- en familierecht