Faillissement in hoger beroep vernietigd, is de aanvrager aansprakelijk?

28 december 2020

Volgens de Hoge Raad is de aanvrager van een faillissement dat in hoger beroep wordt vernietigd niet aansprakelijk voor de door het faillissement ontstane schade (HR 11 december 2020, ECLI:NL:HR:2020:2004).

Een dergelijk standpunt vindt geen steun in het recht. De Hoge Raad oordeelt dat een vordering op deze grond alleen toewijsbaar is als sprake is van misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen in de zin van artikel 3:13 BW. Daarvan kan sprake zijn als het aanvragen van het faillissement, gelet op de evidente kansloosheid ervan achterwege behoorde te blijven, met het oog op de daarbij betrokken kenbare en zwaarwegende belangen van de schuldenaar. Daarvan zou sprake zijn als de aanvrager feiten of omstandigheden aan zijn verzoek ten grondslag had gelegd waarvan hij de onjuistheid kende of behoorde te kennen of stellingen waarvan hij op voorhand moest begrijpen dat deze geen kans van slagen hadden (vergelijk HR 29 juni 2007, NJ 2007/353).

Deze uitspraak laat zien dat een aanvrager niet snel aansprakelijk gesteld kan worden voor het aanvragen van het faillissement van zijn schuldenaar. Dat maakt dat het aanvragen van het faillissement nog steeds als een effectief incassomiddel kan worden ingezet zonder een al te groot risico op aansprakelijkheid.

Voor meer informatie:
Wilt u meer weten over het aanvragen van het faillissement van uw schuldenaar? Neem dan gerust contact op.

Hasan Kaya
kaya@vanzeijlbijlaartsen.nl
T: 0341-420606

Meer weten?
Wij helpen u graag verder