Oppassen bij toetreding tot personenvennootschappen

23 september 2015

Bij vennoten van een vennootschap onder firma (VOF) en beherend vennoten van een commanditaire vennootschap (CV) zal bekend zijn dat zij vanaf hun deelname hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de verplichtingen die de vennootschap aangaat. Onduidelijk was of de vennoot ook aansprakelijk was voor verplichtingen die ontstaan waren vóór zijn deelname. Aan de verdeeldheid die hierover in lagere rechtspraak bestond, heeft de Hoge Raad in een arrest van 13 maart 2015 een einde gemaakt. Met aanzienlijke gevolgen voor de praktijk!

Aansprakelijkheid
In het handelsverkeer kennen wij verschillende rechtsvormen waarin een onderneming kan worden gedreven. Bekend is de eenmanszaak waarbij de ondernemer in privé volledig aansprakelijk is voor alle verplichtingen die hij als ondernemer aangaat. Aan de andere kant van het spectrum bevinden zich de besloten vennootschap (BV) en naamloze vennootschap (NV), waarvan ik de laatste verder onbesproken laat. In de BV-vorm is de ondernemer in beginsel niet persoonlijk aansprakelijk. Met alle rechtshandelingen die hij verricht bindt hij alleen de BV. In het midden van het spectrum bevinden zich de hierboven reeds genoemde personenvennootschappen: de VOF en de CV. Beide vennootschappen zijn samenwerkingsvormen. De vennoten van een VOF kunnen in het kader van hun gezamenlijke bedrijfsvoering (tenzij onderling anders is overeengekomen) namens de VOF verplichtingen aangaan. Voor de schulden die daardoor voor de VOF ontstaan zijn de vennoten naast de VOF hoofdelijk aansprakelijk. Dat betekent dat ieder van de vennoten voor 100% kan worden aangesproken. Dit alles geldt in gelijke mate voor beherend vennoten van de CV.

Voorbeeld
We gaan er vanuit dat een VOF met twee vennoten bedrijfsruimte heeft gehuurd voor een huur van € 5.000,– per maand. Heeft de VOF een huurachterstand van een maand, dan kan de verhuurder ieder van de vennoten aanspreken tot betaling van de volledige huur van € 5.000,–. Hetzelfde gaat op voor twee beherend vennoten van
een CV.

Uitspraak Hoge Raad
In een zaak waarover de Hoge Raad op 13 maart 2015 uitspraak heeft gedaan, lag de vraag voor of iemand die tot een reeds bestaande CV (maar hetzelfde geldt voor een VOF) was toegetreden alleen aansprakelijk is voor de verplichtingen die na zijn toetreden zijn ontstaan of ook voor verplichtingen die ontstaan zijn vóór zijn toetreden. Het argument waarmee de toetredende vennoot zich in die zaak verdedigde was zo gek nog niet; waarom zou een schuldeiser van de vennootschap profiteren van het feit dat een nieuwe vennoot is toegetreden waardoor hij extra (privé)vermogen heeft waarop hij zich kan verhalen? De Hoge Raad acht echter de rechtszekerheid van groter belang; van degene die zaken doet met een vennootschap kan bezwaarlijk worden gevergd dat hij telkens afhankelijk van het ontstaansmoment van verbintenissen onderzoekt welke vennoten al dan niet kunnen worden aangesproken. Hij mag er vanuit gaan dat voor de vordering die hij op enig moment op de vennootschap heeft, alle vennoten hoofdelijk aansprakelijk zijn.

Voorbeeld
Op het moment dat de nieuwe vennoot toetreedt tot de in het vorige voorbeeld genoemde VOF, blijkt de vennootschap een huurachterstand te hebben van drie maanden. De verhuurder kan zowel de twee bestaande vennoten als de nieuwe vennoot ieder voor de volledige huurschuld van € 15.000,- aanspreken. Is dat niet onbillijk? De Hoge Raad meent van niet: “Aan de belangen van de toetredende vennoot wordt in voldoende mate tegemoet gekomen doordat hij kan bedingen dat hem inzage wordt gegeven in de schuldenpositie van de vennootschap”.

Conclusie
Overweegt u om toe te treden tot een bestaande VOF of CV, realiseer u dan de mogelijke aansprakelijkheid voor schulden die de vennootschap is aangegaan vóór uw aantreden en oriënteer u terdege op de schuldenpositie van de vennootschap.

Voor meer informatie:
Kees Bijl
bijl@vanzeijlbijlaartsen.nl
T. 0341-420606
Van Zeijl Bijl Aartsen Advocaten. Vertrouwd.

 

 

Meer weten?
Wij helpen u graag verder